IMG_3037Het is een eenvoudige pen. Zo’n Parkerpen, vrij standaardmodel. Zilverkleurig, met een gouden klipje. Een pen is een krachtig wapen. Om emoties op papier te krijgen, om gedachten te vereeuwigen. Soms om ergens een streep onder te zetten of je met je handtekening ergens aan te verbinden. Als schrijver is een toetsenbord handig, maar een pen onmisbaar. Hoe onleesbaar je ook schrijft, de woorden staan er. Onverminderd, krachtig.

Na vijftien jaar ontdekte ik de waarde van een pen. Niet in geld, maar in symboliek. Het is het erfstuk dat ik van mijn opa heb gekregen. De beste man overleed al in maart 2000 en ik vond het destijds ‘leuk’ dat ik een pen van hem erfde. Ik had meer pennen, dus deed het me niet zo gek veel.

Tot vorig jaar was ik me er niet eens van bewust dat ik die pen ergens had liggen. Geen idee waar precies. Misschien had ik hem wel weggegooid. Maar in mijn gedachten vond ik hem terug. De aanleiding was een zogenaamde visualisatie tijdens een training. Normaliter geloof ik niet zo in ‘zweverig’ gedoe, dus ik was aanvankelijk erg sceptisch. Toch deed ik mee en daar heb ik allerminst spijt van. Het gaf me rust en een erg fijn inzicht.

De visualisatie had als thema ‘het landschap van je talenten’. Aan de hand van een verhaal en vragen van de trainer werd je – met ogen dicht – door een landschap geleid.
Op een gegeven moment stelde de trainer een meer voor. Uit dat meertje kwam, volgens de verteller, iemand die je iets kwam geven. Scherper dan ooit zag ik mijn opa voor me. Hij gaf me een pen.

Geëmotioneerd maar ook verblijd deelde ik dit met mijn groep. Het voelde als een bevestiging van iets wat ik al lang bij me droeg. “Dennis, ga schrijven. Gebruik deze pen. Doe er iets mee!” Het viel even op zijn plek.

Ik weet niet of opa ook echt heeft gewild dat ik zijn pen erfde. Het kan dus heel goed toeval zijn dat ik die pen kreeg. En niet iemand anders. Als hij het wel bewust heeft nagelaten aan mij, maakt dat me erg blij. Met terugwerkende kracht. Blijkbaar heeft hij dan iets van talent ontwaard en dat zo gestimuleerd. Driemaal stom van me dat ik dat pas veel later op waarde heb geschat.

Misschien moest ik eerst volwassen worden. Of – met een vleugje bijgeloof – had hij zich al een paar jaar woelig in het familiegraf liggen afvragen waarom ik zo onverschillig met een talent omging. Tijd om die eigenwijze kleinzoon een hint te geven. Zoals bij de visualisatie.

Ik zie zijn gezicht voor me. Hij bedoelt het goed, maar is serieus. Fanatiek, met twee gebalde vuisten. En dan die glunderende glimlach. Alleen met die pen kan ik beschrijven hoe blij ik daarvan ben. Dat ik hem heb teruggevonden. Tussen de kantoormeuk, in een oude bureaulade. Maar ook dat zoiets eenvoudigs een stimulans kan zijn om deze passie nu eens serieus op te pakken. En niet op het laatst om mijn opa nog eens te zien glunderen. Dit stukje is mijn dankwoord aan hem, voor zijn pen en stimulans. Ik geef het een plek, om het nu nooit meer kwijt te raken.

(C) Copyright | 2015 | Dennis Olyerhoek